Thema 2 Bouwstenen

Inhoud van de presentatie


Hoofdstuk 3 Bouw van de cel

- Organellen

- Celmembraan

Hoofdstuk 4 Transport uit de cel

- Passief transport

- Actief transport

Hoofdstuk 5 Celstofwisseling

- Opbouw en afbraakreacties

- Enzymen

Hoofdstuk 6 Levensloop van de cel

- Celdeling

- Differentiatie en specialisatie


Hoofdstuk 3 Bouw van de cel
Organellen

De belangrijkste organellen:

- de celkern

- de ribosomen

- het endoplasmatisch reticulum

- het Golgi- complex

- de mitochondriën

- de lysosomen

- het centrosoom

De celkern (nucleus)
De ribosomen (de eiwittenfabriek)
Het endoplasmatisch reticulum
Het Golgi- complex (taxicentrale van de cel)
De mitochondriën (de energiemakers)
Lysosomen (hongerige verzamelaars)
Het centrosoom (de cel assistent)
Celmembraan
Filmpje
Werken aan de opdracht

Maak de studieactiviteiten op blz. 45 van je boek.

Hoofdstuk 4 Transport uit de cel

Extracellulaire ruimte --> omgeving buiten de cel.

Intracellulaire ruimte --> omgeving binnen de cel.


Extra=buiten

Intra=binnen


Passief transport --> water en gassen kunnen de celmembraan ongehinderd passeren.


Actief transport --> de meeste stoffen kunnen niet zomaar door de celmembraan heen. De cel en de celmembraan spelen hier een actieve rol in.

Passief transport

Passief transport:

Stoffen stromen vanzelf in en uit de cel, via de celmembraan.


Passief transport is gebaseerd op twee natuurkundige processen:

- Diffusie

- Osmose.

Diffusie
Osmose
Factoren die diffusie en osmose beïnvloeden

- Concentratieverschil

- Temperatuur

- Diffusieafstand

- Diffusieoppervlak

- Stroperigheid (viscositeit) van het oplosmiddel

Actief transport


Actief transport:

Grotere deeltjes en stoffen via de celmembraan naar binnen en buiten brengen.

De cel moet hiervoor energie in steken, het gaat niet vanzelf.


Je hebt twee typen actief transport:

- Enzymatische pomp

- Blaasjestransport



Enzymatische pomp (de draaideur)

De te vervoeren deeltjes worden met behulp van een enzym door de celmembraan gesluisd.


De vervoersenzymen bevinden zich in de celmembraan.

Blaasjestransport

Blaasjestransport:
De celmembraan stulpt om de te vervoeren stof heen en vormt een blaasje.


Endocytose --> het opnemen in de cel van stoffen die zich buiten de cel bevinden.


Fagocytose --> de opgenomen deeltjes vormen een vaste stof.


Pinocytose --> als het een vloeistof is wordt het pinocytose genoemd.


Exocytose --> stoffen die door de blaasjes uit de cel worden gewerkt.

Werken aan de opdracht

Maak de studieactiviteiten op blz. 52 van je boek.

Hoofdstuk 5 Celstofwisseling

Enzymen deel 1
Enzymen deel 2
Werken aan de opdrachten

We gaan in groepjes van vier werken.


Jullie gaan op zoek naar de moeilijke woorden in dit hoofdstuk.

Schrijf de betekenis op.


Hierna maken jullie de studieactiviteiten op blz. 58

Hoofdstuk 6 Levensloop van de cel


Levensloop van de cel is verdeeld over drie fasen:

1. delingsfase (mitose)

2. groeifase

3. functionele fase (differentiatie en specialisatie)

1. Celdeling (mitose)
2. Groeifase

De cel krijgt door toename van celplasma en organellen de afmeting van de cel waaruit hij ontstond.


De groeifase duurt niet zo lang.

3. Functionele fase (differentiatie en specialisatie)

Differentiatie --> de cel wordt anders dan de cel waaruit hij is ontstaan. (anatomisch begrip)


Specialisatie --> het vermogen om een specifieke taak (functie) uit te voeren. (fysiologische begrip)


Stamcellen --> cellen die nog nauwelijks gedifferentieerd zijn.

Werken aan de opdracht

Maak de studieactiviteiten op blz. 64 van je boek.

Einde thema 3
Create a presentation like this one
Share it on social medias
Share it on your own
Share it on social medias
Share it on your own

How to export your presentation

Please use Google Chrome to obtain the best export results.


How to export your presentation

New presentation

by ntinnemans

43 views

Public - 7/25/16, 8:54 AM